home muziek besprekingen film besprekingen concert besprekingen evenementen sites forum nieuws zoeken
Oh no, let's go! - Uitkijken naar Prince

De vierdaagse hoogmis van de rockmuziek is in Werchter nog maar amper goed en wel afgelopen, ofde weide bereidt zich al voor op nóg eens twee festivals. TW Classic op 12 juli trekt dit jaar volop de commerciële kaart, maar op 10 juli staat er tijdens Werchter Boutique een absolute levende legende op het podium. U kent hem als His Royal Badness, The Artist of de Purperen Dwerg, maar in de volksmond heet hij tegenwoordig weer gewoon Prince. Digg* blikt vooruit.

Saturday night makes it alright

Al op debuutplaat ‘For You' (dat hij maakt op zijn negentiende, in 1978)  geeft de jongeman uit Minnesota blijk van een overschot aan zelfvertrouwen. Op het hoesje staat dan al de beroemde zin ‘Written, composed, performed and recorded by Prince'. Als album heeft ‘For You' de tand des tijds echter niet doorstaan, op het hitje ‘Soft and Wet' na. Het nummer bevat duidelijk al de kiemen van wat later zijn zo typische en herkenbare ‘Minneapolis sound' zal worden genoemd: een mix van pop, funk, rock, R&B en zelfs New Wave.

De doorbraak komt er een jaar later, met het titelloze tweede album. ‘I Wanna Be Your Lover' wordt zijn eerste nummer 1-hit. Aan de vooravond van de eighties maakt Amerika kennis met een van de muzikale iconen van het decennium. Met het album ‘1999' komt daar in 1982 de rest van de wereld bij. Zijn geluid wordt, onder meer met dank aan de nog premature begeleidingsgroep The Revolution, aangevuld met drumcomputers, vervormde stemmetjes en andere electronica. Vandaag komt de productie van veel van ‘1999' soms wat cheesy over, maar de nummers staan nog steeds als een huis. Neem nu ‘Little Red Corvette', een verslag van een one-night stand met een niet al te gewillige vrouw. Het nummer, met Lisa Coleman op de backings, is vijf minuten zuivere perfectie die zich weigert tot een genre te beperken. Een gitaarsolo, een vette beat en een Michael Jackson-achtige falsetstem: het past allemaal in elkaar als een puzzel, en een klassieker was geboren.

Housequake!

In 1984 speelt Prince in zijn eerste film. Toegegeven, ‘Purple Rain' is geen cinematografische hoogvlieger. Het semi-autobiografische verhaal over een jonge muzikant die zijn kansarme achtergrond probeert te overstijgen gaat gebukt onder de clichés. Maar geen hond die voor het verhaal gaat kijken, natuurlijk. De soundtrack (een nieuwe samenwerking met The Revolution) staat vol met klassiekers als ‘I Would Die 4 U' en ‘Let's Go Crazy'. En dan is er natuurlijk nog het weergaloze titelnummer, dat live soms wel langer dan twintig minuten duurt maar geen seconde verveelt. Eindbalans van ‘Purple Rain': 24 miljoen verkochte albums, vijf hits, en een Oscar. Niet voor zijn acteerprestaties, welteverstaan.

The Revolution was geen lang leven beschoren. Met een half vernieuwde band (met onder meer Sheila E.) nam Prince ‘Sign O' The Times' op. Ondanks de middelmatige verkoopscijfers noemen veel critici het zijn beste werk. Naast de al gekende drumcomputers horen we hier ook samples, anno 1987 een relatieve nieuwigheid. Het resultaat laat een minder gladde en gepolijste, maar des te funkier Prince horen. Net als in het begin van zijn carrière speelt Prince nagenoeg alle instrumenten zelf in. ‘Sign O' The Times' is experimenteel en vernieuwend, maar zelfs toen al heel toegankelijk. Pop met de grote letter P van Prince.

When it comes to funk, I am a junkie

Deze muzikaal grensverleggende periode loopt eind jaren '80 wat op z'n einde. De nineties staan -cru gesteld- meer in het teken van imago dan van muziek. Prince verandert zijn naam in een onuitspreekbaar symbool, en wordt vanaf dan ‘The Artist Formerly Known as Prince' genoemd. Het nieuwe werk uit de jaren '90 is, op enkele hitjes als ‘Diamonds and Pearls' na, zelden opzienbarend. De concerten zijn dat des te meer: samen met de New Power Generation speelt ‘TAFKAP' zalen plat over de hele wereld. Live geeft Prince een van de beste shows die er te zien zijn, en ook zijn nachtelijke ‘aftershows' annex jamsessies in kleinere zalen zijn legendarisch. Op het internet circuleert een fantastische bootleg van het concert in het Paard van Troje in Den Haag, waar een fan op het internet over schrijft: ‘James Brown meets Miles Davis meets Sly Stone = Prince live in Holland'. Daar is niets aan toe te voegen.

Ook tijdens de jaren 2000 zullen Prince & the Revolution hoge ogen gooien met hun spectaculaire concerten. Dat de man nog bijna jaarlijks een nieuw album uitbrengt, lijkt een bijkomstigheid. Vooral ‘Musicology' was nog best aardig, maar de meeste van deze platen bereiken geen al te groot publiek. Tegenwoordig zit Prince als artiest dan ook in een heel ambigu positie. Enerzijds is zowat iedereen het erover eens dat zijn artistieke gloriejaren al een tijdje achter ons liggen. Volgende week verschijnt zijn zevenentwintigste (!) album, getiteld ‘20Ten'. Geen haan die ernaar kraait, en de kans is dan ook klein dat deze nieuwe plaat (die trouwens gratis zal worden verdeeld door kranten als Het Nieuwsblad) muzikaal veel stof zal doen opwaaien.

Still will stand all time

Toch kan Prince ook anno 2010 op erg veel ontzag rekenen. De consensus is nog steeds dat er in die 158 centimeter meer talent zit dan je in de hele Ultratop zal aantreffen. Termen als ‘de Mozart van onze tijd' zijn op het internet niet ver te zoeken. Prince lijkt zelf ook zijn uiterste best te doen om de mythe groter te maken dan de werkelijkheid. Hij geeft zelden interviews, en laat zelfs dan niet het achterste van zijn tong zien. En dan is er ook zijn beruchte kluis, waarin nóg eens een gigantisch, nooit uitgebracht oeuvre zou schuilen. De kans is groot dat veel van die nummers met recht en reden maar mondjesmaat het daglicht zien, maar ondertussen heeft ‘The Vault' al de status van heilige graal bereikt. 

Zoals gezegd is het pas op het podium dat de man bewijst waarom hij met recht en reden een levende legende is. Een mooi voorsmaakje hiervan is zijn mini-optreden tijdens de Superbowl in 2007. Het publiek krijgt op amper een minuut of twaalf een medley van enkele van zijn grootste hits, afgewisseld met flarden Queen, Jimi Hendrix en Foo Fighters. Deze show is te zien op YouTube, waar u trouwens zeker ook eens ‘greatest guitar solo ever' moet intikken. Klik op het eerste filmpje dat je tegenkomt: een keer raden wie daar tijdens een huldiging van George Harrison zijn gitaar gently laat weepen alsof het hem geen enkele moeite kost. Rek deze spektakels uit tot een avondvullend concert van meer dan twee uur, en u snapt dat wij al maanden reikhalzend uitkijken naar zaterdag, Princedag. Of, om het in 's mans eigen woorden te zeggen: Are we gonna let the elevator take us down? Oh no, let's go!

Tickets voor Werchter Boutique (op 10 juli 2010) zijn nog steeds verkrijgbaar, kijk voor meer informatie op www.werchterboutique.be.

Door Max Dedulle 06/07/2010 - categorie : Special - Afdrukken

verstuur dit artikel aan een vriend    Share on Facebook

  Dit artikel heeft nog geen reacties. Klik hier om uw mening te geven. 


Blader in ons volledig archief
CD van de week

John Mellencamp: No Better Than This
ijzersterke folksongs
Featured
The Kings of Frog Island: III
met overtuiging en liefde
Sahg: III
januskop
John Mellencamp: No Better Than This
ijzersterke folksongs
Pulled Apart By Horses: Pulled Apart By Horses
onversneden furie
Richard Youngs: Beyond The Valley Of Ultrahits
vocale doorn in het oog
© Copyright Digg*    Contact*    Redactie*    About Digg*    Privacy*    Adverteren*    Webdesign* by T-kila...
eXTReMe Tracker
cached on 11.09.2010 00:52:37  Page generated in 2.6339 seconds.